Woestijn in kaart ~ over Fum van den Ham

Ze groet de beren en de eekhoorns op de bank. Fum van den Ham, 82 jaar, kort geknipt grijs haar, breekbaar. Fum – ‘Geen u zeggen hoor’ – woont in een hofje waar je de trams over de gedempte gracht hoort denderen en waar uitsluitend dames mogen wonen. Collega T. introduceerde mij bij haar. Voorzichtig schuifelt Fum tussen stapels boeken, tijdschriften en papieren naar een nis in de kamer. Met twee glazen limonade komt ze weer terug. Zelf drinkt ze water. ‘Ik was dichter,’ zegt ze nadrukkelijk. ‘Vielen de dichtregels me vroeger spontaan toe – er leek geen einde aan te komen –  nu is die bron opgedroogd.’ In de vorige eeuw had ze onderdak bij uitgeverij Kok in Kampen. Vorig jaar verschenen in eigen beheer haar verzamelde gedichten en de verzamelde gebeden die ze voor de diensten van Nico ter Linden schreef. Corona zette een streep door een presentatie van de bundels in de Westerkerk.  Lees verder op Literair Nederland.

Geplaatst in Literair Nederland | Tags: , | Reacties uitgeschakeld voor Woestijn in kaart ~ over Fum van den Ham

Oefenen in herinneren ~ over Joe Brainard

Ik herinner me van Joe Brainard (1942 -1994) is volgens het omslag een cultklassieker en Paul Auster noemt het, in het voorwoord, een klein meesterwerk. Brainard inspireerde George Perec tot zijn Je me souviens en Perec leverde weer het motto voor één van de leukste deeltjes uit de reeks Privé-domein: Ik herinner mij.

Ons geheugen is een wispelturige, leugenachtige, maar prachtige bron. Is het allemaal waar wat Brainard zich herinnert? Brainard zet honderden herinneringen op een rij die hij telkens begint met ‘Ik herinner mij’. Dat lijkt weinig afwisselend en toch levert het fascinerende literatuur op. Er zijn herinneringen aan familie, eten, seks, aan dromen, aan school en kerk, maar geen enkele aantekening, aldus Auster in het voorwoord, gaat over ruzies, verdriet of geweld. Aan Ik herinner me lijkt zachtmoedigheid ten grondslag te liggen.  Lees verder op Literair Nederland.

Geplaatst in Literair Nederland | Tags: , , | Reacties uitgeschakeld voor Oefenen in herinneren ~ over Joe Brainard

Onverwachte doden ~ over Mechelen en Herman de Coninck

Opeens hoor je tot die groep waarvan leeftijdsgenoten plotseling sterven. Een vriend appt over de dood van een oud-klasgenoot, enkele weken later de doodstijding van een jongen waarmee we vroeger biertjes dronken op een studentikoze zolder aan het Singel. Dan het overlijden van een dochter, we schelen nog geen jaar. Allemaal even plotseling en onverwacht. Als de dood zo dichtbij is, en ook wat veraf – want geen van deze overledenen sprak ik pas geleden, en je hebt het er met vrienden of collega’s over, dan zijn reacties vaak hetzelfde. Na een wat meelevend schudden van het hoofd volgt de oproep om de dag te plukken. Het kan zomaar voorbij zijn. Geniet! Vervolgens ga je weer aan het werk, telefoon, mail, vergadering, deadline, en het besef van tijdelijkheid en kwetsbaarheid van leven  verdwijnt. 

Soms is de dood van een nabije ander werkelijk een aansporing tot andere keuzes in je leven. Heel soms. Deze lente ging ik met vrienden naar Mechelen. Lees verder op Literair Nederland.

Geplaatst in Literair Nederland | Tags: , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Onverwachte doden ~ over Mechelen en Herman de Coninck

Schaamte ~ over Danny’s wereld en Bernhard Schlink

In het televisieprogramma Danny’s wereld toont een Poolse man zijn verwoeste hand. Ongeluk op het werk. Arbeidsongeschikt, woning verloren en dakloos geworden. Slaapt in een park. Danny Ghosen vraagt of de man familie heeft. Ja, twee kinderen in Polen. Waarom ga je niet terug? In de korte aarzeling schuilt het antwoord. Zijn kinderen weten niet dat hij alles heeft verloren. Misschien weten ze niet eens van zijn verwoeste hand. Liever blijft hij hier, zonder perspectief, dan hen weer onder ogen te komen. Wat kan schaamte levens bepalen en ontwrichten. Terwijl ik het verhaal van de Poolse man zie, denk ik aan De voorlezer van Bernhard Schlink. Wil je weten hoe verwoestend schaamte is, lees dit boek. Het opent met een ongewone liefde tussen een jonge jongen en een oudere vrouw. Badderen en elkaar inzepen horen bij hun erotisch ritueel. Haar naam is Hanna, een vrouw met een geheim en een geschiedenis. Ze verdwijnt plotseling uit zijn leven. Later ziet de jongen, student inmiddels, Hanna terug, als verdachte in een rechtszaak.

Hanna was kampbewaakster. De rechtszaak spitst zich toe op een brandincident waarbij de meeste gevangen vrouwen om het leven kwamen. Hanna is niet onschuldig, maar ze neemt bewust meer schuld op zich dan ze heeft. Alleen om een ander geheim niet prijs te hoeven geven: ze kan lezen noch schrijven. In een eerdere column (Over het Spoor 2) sprak ik over ‘sociale’ taalschaamte. Analfabetisme is daarvan een variant met nóg grotere gevolgen. Dat blijkt uit de werkcarrière van Hanna. Telkens wanneer zij promotie kan maken, haakt ze af. Het zijn de momenten dat ze als analfabeet door de mand zou vallen en dat is wat ze ten allen tijde wil voorkomen. Ze bekent een – zeer belastend – document geschreven te hebben, waardoor ze levenslang krijgt.
Liever levenslang dan als analfabeet door de mand vallen. Liever in een park slapen dan je kinderen bekennen dat je werk en huis hebt verloren. Liever… vult u zelf maar in. Wil je schaamte inzichtelijk maken dan helpt het beeld van een bodemkaart.  Je durft de ene schaamte wel te bekennen, maar de schaamte die eronder schuilgaat blijft onbenoemd, tot je eraan toe bent om ook die te herkennen et cetera. Lees verder op Literair Nederland.

Geplaatst in Literair Nederland | Tags: , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Schaamte ~ over Danny’s wereld en Bernhard Schlink

Hoe gaat het met… Augustus?

Ochtend op een Canarisch eiland. Appel, water en de warme zon. Werkend aan het slothoofdstuk van Augustus, mijn tweede roman bij Uitgeverij kleine Uil. Elke dag een uurtje, niet veel langer want ergonomisch niet verantwoord. 😉
Deadline voor het manuscript in april. Publicatie in juni. Wordt vervolgd, dus!

Geplaatst in Augustus | Tags: , , , | Reacties uitgeschakeld voor Hoe gaat het met… Augustus?

Dental stick ~ over twee mannen en een hond

Soms denk ik dat hij opgerold op de hoek van de bank ligt. Bobbie. De zwartwit gevlekte Stabij die vijf weken bij ons heeft gewoond in ons Amsterdams appartement.  In januari is hij  verhuisd naar Friesland. Vrijstaand huis, grote tuin tot aan een kanaal. Het laatste bericht dat ik over hem kreeg, was dat hij elke dag op konijnen jaagde. Het klonk als een eind goed al goed voor viervoeters.
Bobbie kwam in december bij ons. Een hond met overgewicht en zwarte tanden. Er lag een kleedje op de bank voor hem. We kochten Dental sticks voor zijn tanden. De eerste nacht was hij rustig. Toen we hem ’s ochtends in ons onderbroek goedemorgen wensten, beantwoordde hij ons vrolijk onthaal met een voorzichtige kwispel van zijn staart. Hij had een moeilijke tijd gehad, vertelde het gastgezin. Zijn baasje was aan corona overleden. Een nieuw baasje bleek allergisch voor honden, iemand anders bleek toch minder thuis te mogen werken van zijn baas dan gedacht. Zo waren ze bij ons uitgekomen. De vrouw des huizes bekende dat ze bang was om hem uit te laten. Haar man keek haar aan alsof ze een klokkenluider was. En wij, wij hoorden haar waarschuwing wel, tevreden etend van het gebak dat ons werd geserveerd, maar lieten haar boodschap niet echt binnenkomen. Dat overkomt klokkenluiders wel vaker.

Lees verder op Literair Nederland.

Geplaatst in Literair Nederland | Tags: , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Dental stick ~ over twee mannen en een hond

Coming out ~ een column over het debuut van Stefan Raatgever

‘Heb je je boek ook aan Björn laten lezen?’ In ons huis hangt de geur van lasagne. Wijn wordt ingeschonken. Ik stel de vraag voor ik er erg in heb. Op tafel ligt het boek De jongen die van de klif sprong en zacht terechtkwam. Stefans debuut dat enkele weken geleden in het staartje van de corona-maatregelen verscheen. Hij kijkt een moment verlegen weg. Het is ook een erg directe vraag. Een vooringenomen vraag, alsof een boek over een coming out wel autofictie moet zijn. We kennen elkaar niet goed. Ik ken vooral Joost, zijn vriend. Met hem heb ik twee jaar intensief samengewerkt. Moreel beraad. Ethiek. We aten ook vaak appeltaart. De jongen die van de klif sprong gaat over puberlevens en coming out. Vrolijke, schijnbaar onbekommerde schooltaferelen met een donker randje, daar hou ik van.

Hoofdpersonen zijn Alec, de ik-persoon, en Björn. Young adult, een genre dat in mijn jeugd niet bestond. Op het omslag twee aantrekkelijke jongens. Wie is nu wie? Het rechtergezicht associeert Stefan met Alec. ‘Hij lijkt op de jonge Richard Krajicek,’ zeg ik. Dan blijkt de zoon van Krajicek ook nog eens Alec te heten. We lachen om toevallige verbanden.  Stefan vertelt dat hij met tussenpozen tien jaar aan zijn debuut heeft gewerkt. Alles bij elkaar opgeteld een voltijdbaan van een jaar.’ Er is veel liefde in het boek gestopt. En veel muziek (niet vreemd, Stefan is popjournalist). Zanger Christon schreef een titelsong. ‘Vooral romans met een link naar de werkelijkheid zijn interessant voor de pers. Als het niet echt gebeurd is, is het voor een krant niet interessant, dan hoeft een interview verder niet,’ zegt Stefan. 

Lees verder op Literair Nederland.

Geplaatst in Literair Nederland | Tags: , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Coming out ~ een column over het debuut van Stefan Raatgever

De opdracht ~ over Biesheuvel, Slauerhoff en kippensoep

In tijden van quarantaine is het fijn om goede buren én verre vrienden te hebben. Geregeld zette onze buurvrouw een pannetje verse kippensoep met rode pepertjes bij onze voordeur. Een andere buurvrouw haalde aan de overkant boodschappen. Vanaf ons balkon volgden we haar met trouwe hondenblik. Er is nood, en vrouwen helpen.  Een pakketbezorger bracht een cassette met de verzamelde gedichten van Slauerhoff. Twee gebonden delen. Lief kaartje erbij. Precies, van een verre goede vriendin. Niet naar buiten mogen en dan het werk van een globetrotter als Slauerhoff cadeau krijgen, dat zijn de milde grapjes die het leven je geeft als je er een klein beetje oog voor hebt.  ‘Er was en is veel te verstouwen,’ schrijft de vriendin in het lieve kaartje. Ze somt wat persoonlijk tegenslag op, ik zal het hier vanwege de beperkte lengte van de column niet herhalen, en ze besluit met de wens dat een goed boek voor veel het juiste medicijn is. Ze heeft gelijk.

Deel twee van het verzameld werk opent met de bundel Yoeng PoeTsjoeng – mijn favoriet. Enkele dagen later zoek ik in het eerste deel de bundel Eldorado op (door een disco liedje uit de jaren tachtig hou ik van het woord Eldorado) en zie op het schutblad een handgeschreven opdracht:
Voor Eva, met wie ik leven wil.
1-5-’84  Maarten.

Lees verder op Literair Nederland.

Geplaatst in Literair Nederland | Tags: , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor De opdracht ~ over Biesheuvel, Slauerhoff en kippensoep

Bron- en contactonderzoek ~ over Van Eyck en Solomon

Pas als het tweede rode streepje op het display verschijnt, ben ik overtuigd van de betrouwbaarheid van de Covid-thuistest. Toch. Eindelijk te grazen. Na twee jaar van voorzichtig leven – afstand houden, mondkapjes, geen handen geven wel handen wassen, vaccinaties en booster – positief getest. Dubbelcheck bij de GGD. Ja hoor. Te grazen. Nog voor ik het goed en wel doorhad. ’s Avonds zie ik Hunted-vips op televisie. Je bent op de vlucht en je verwacht met slimmigheidjes de vijand voor te zijn. Stom, zie die vips, ze wandelen linea recta in de val.  

Ook zo gek, het voelde als falen. Bij al die mensen die aan mij vertelden dat ze positief waren, dacht ik nooit ‘hé, stommeling, opletten’. Nu wel. Ziekte ontmaskert telkens weer de gezondheidsmythe waarin je leeft. Geitenpaadjes, Houdini-act, uiteindelijk ben je net als die vips toch eerder de tuinman uit dat beroemde gedicht van P.N. van Eyck. Lees verder op Literair Nederland.

Geplaatst in Literair Nederland | Tags: , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Bron- en contactonderzoek ~ over Van Eyck en Solomon

Een kruimel tijd ~ een nieuwe column over Bryan Magee

Een mens heeft vele beperkingen. Van alle beperkingen is tijd de wreedste en de dodelijkste. Je hebt geen andere keus dan gewoonweg je leven te leiden in de kruimel tijd die je ter beschikking staat. Het zijn woorden uit een compact boekje dat ik afgelopen kerst kreeg: Ultieme vragen. Kleine filosofie van leven en dood van Bryan Magee – in 2019 bij Bijleveld verschenen in de befaamde reeks met de oranje ruggen. Het verscheen in vertaling in het jaar dat voor Magee zijn kruimel tijd – toch zo’n negentachtig jaar – eindigde. Ik las Magee eerlijk gezegd omdat ik een beetje romanmoe was. Dat zijn buien waarin ik geen enkele behoefte heb aan fictie. Vaak na een teleurstellende leeservaring. Dan kijk ik naar de stapel nog te lezen boeken naast mijn bureau, toch allemaal aangeschaft vanuit een verlangen, en denk, terwijl ik het ene na het andere even in mijn hand weeg, geen zin geen zin, geen zin in.  Buien die eindigen, dat weet ik inmiddels ook. Dan ligt de roman die ik de vorige keer nog afwees, als een lokkend hapje bovenop de ongelezen stapel. 

Wat doe je in de kruimel tijd die je tot je beschikking hebt? Een uurtje op ruimtereis gaan met Magee bijvoorbeeld. (lees hier verder)

Geplaatst in Literair Nederland | Tags: , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Een kruimel tijd ~ een nieuwe column over Bryan Magee